Whatsapp Facebook X LinkedIn RSS feed

'Klimaatboom': een nieuwe benaming voor wat altijd al had gemoeten

ARTIKEL
Facebook Twitter Linkedin Whatsapp
Bart Mullink, maandag 26 juli 2021
303 sec


Adviesbureaus hopen dat bomen vaker de plaats krijgen die ze verdienen

Een containerbegrip. Een verkooppraatje dat gauw wordt geloofd. Boomadviseurs zijn kritisch: klimaatbomen als oude wijn in nieuwe zakken? Ze vinden het vooral prima dat bomen vaker de plaats krijgen die ze verdienen.

Ronald van den Brink: ‘Hoe meer variatie, hoe groter het herstelvermogen van de natuur’
Ronald van den Brink: ‘Hoe meer variatie, hoe groter het herstelvermogen van de natuur’

De verkeerde boom op de verkeerde plaats. Het is een recept voor narigheid. Slechte groei en een voortijdig einde liggen in het vooruitzicht. De drie adviseurs voor de groene ruimte die Boomzorg raadpleegde over het begrip klimaatboom, zijn er eenstemmig over: 'Steeds zieltogende bomen vervangen kan goed zijn voor de business, maar dat moet natuurlijk geen doel op zich zijn voor de sector', zegt Ronald van den Brink, programmamanager ruimtelijke ontwikkeling bij Bomenwacht Nederland. Wat hij wel graag ziet, zijn solide bomen. 'Bomen die in stedelijk gebied zo goed mogelijk bijdragen aan een fijnere leefomgeving.'

Als het gaat om de wisselwerking tussen boom en omgeving, is er eerder een kritische blik op de omgeving nodig dan op boomsoorten, zo verklaart Gabriël Wevers, groentechnisch specialist bij Alles over Groenbeheer. Slechte groei, verdroging, wortelopdruk, het ligt volgens hem bijna nooit aan de boomsoort. 'De bomen krijgen de schuld. Daar kan ik heel slecht tegen. Problemen ontstaan vooral doordat groeiplaatsen ontzettend vaak niet in orde zijn. Dat los je niet op met andere bomen.'

'Elke boom heeft zowel bovengronds als ondergronds een bepaalde ruimte nodig'

Binnenstedelijk

Met als motto 'de juiste boom op de juiste plaats' is een klimaatboom weliswaar een correcte keus, maar de vraag is uiteraard wie ooit anders zou willen. Joost Verhagen, directeur van Cobra Groeninzicht, is er snel over uitgepraat: 'Het is altijd raar als niet de juiste boom op de juiste plaats belandt, toch?'


Bij een dergelijke definitie heb je gauw dat alles eronder valt. Zeker als behalve het effect van de boom op het lokale klimaat ook het klimaateffect van de boom op de omgeving erbij wordt gehaald. 'Dat is uiteraard belangrijk. Maar waar het bij het begrip klimaatbomen om gaat', doceert Verhagen, 'is dat je met het oog op de boom zelf kijkt naar de omgeving waarin je die gaat planten. Sommige soorten kunnen nu eenmaal beter tegen de extremere omstandigheden die binnenstedelijk voorkomen, vooral op specifieke binnenstedelijke locaties.'

Hittestress kan een reden zijn om te willen vergroenen en zo de temperaturen te matigen. Maar dat blijkt niet zomaar te gaan. Zogenoemde klimaatbomen, die goed tegen hogere temperaturen kunnen en beter bestand zijn tegen droogte, hebben in de regel ook een lagere verdamping en minder fotosynthese. 'Het zijn dus geen bomen die een extra positieve invloed hebben op het omgevingsklimaat. Integendeel. Deze "klimaatbomen" gedijen goed op deze extreme plek, maar leveren tegelijk minder ecosysteemdiensten.'

Met het oog op te kiezen beplanting ziet Verhagen het als een speciale uitdaging om een gebiedsdekkend beeld te krijgen van zaken als temperatuur, verstening, droogtestress, grondwater en groenheid. 'Het is informatie die cruciaal is voor het vaststellen van de toekomstverwachting van het actuele bomenbestand, maar vooral ook om het juiste nieuwe assortiment te bepalen.'

Gabriël Wevers: 'Een gevarieerder bomenbestand met een hogere natuurwaarde is goed mogelijk'
Gabriël Wevers: 'Een gevarieerder bomenbestand met een hogere natuurwaarde is goed mogelijk'

Big green data

Een oplossing zit volgens hem in de toepassing van zogeheten big green data. 'Wij maken hiermee kaarten die veel meer informatie bieden dan een incidenteel bezoek ter plaatse.' Hij maakt gebruik van een door jaren nijvere arbeid tot stand gekomen bomendatabase waarin 'alle 100 miljoen bomen in Nederland' zijn opgenomen, de zogeheten Bomenmonitor. 'Veel bomen', legt hij uit, 'zijn al (automatisch) op naam gebracht. Op boomniveau wordt de conditie gevolgd. Samen met ondersteunende kaarten op het gebied van versteningsdichtheid, hitte-attentie, grondwater en vochtstress kan veel informatie verkregen worden over bestaande bomen én over locaties van nieuw te planten bomen.'


Met de inzet van big green data valt volgens hem eveneens te berekenen wat de klimaateffecten van vergroening zullen zijn. 'Zo kun je heel gericht een beplantingsplan maken om uit te komen op een beoogde temperatuurverlaging op hete dagen, bijvoorbeeld van 5 graden. Of om een bepaald aantal gigajoules aan zonlicht af te vangen.'

'Een mediterrane boom als alternatief? Die heeft evengoed een goede groeiplaats nodig'

Standaardkennis

De juiste boom planten op de juiste plaats, dat vindt ook Wevers 'gewoon standaardkennis' voor iedereen die zich in het bomenvak heeft bekwaamd. De introductie van de term klimaatboom noemt hij zelfs 'pure marketing'. 'Waarom zouden we een boom die al 40 jaar gewoon wordt verkocht ineens een klimaatboom noemen? Dit lijkt mij in het leven geroepen door boomkwekers om te verkopen, maar ook door mensen die graag willen laten horen dat ze erg met het klimaat begaan zijn. Het is, zo weten die, goed om met het klimaat bezig te zijn, dus kopen ze een klimaatboom.'


Verkeerde boomkeuzes komen volgens hem door kennisgebrek, gemakzucht en geld. Niet elke gemeente heeft inkopers met veel kennis van bomen. Misschien zijn er dan kwekers die ergens vanaf moeten en bepaalde bomen in de aanbieding gooien. 'Soms lijkt het alsof ze alleen hebben gekeken: welke soort is voorradig en gemakkelijk te planten?' Zo zag Wevers nieuwbouwwijken aangekleed worden met alleen maar sierpeer, 'omdat dit zo'n makkelijk boompje is'. Een boom die het overal goed doet en dus 'klimaatboom' genoemd kan worden - maar een armoedige keus, omdat er veel meer mogelijk is.

Biodiversiteit

Ziekten en plagen door monoculturen hebben volgens hem velen wel wakker geschud. 'De aandacht voor biodiversiteit en natuurwaarden is gegroeid. Als adviesbureau maken we geen gedetailleerde beplantingsplannen, maar we zijn niet te flauw om gemeenten wel vast een advies te geven: dat ze moeten kiezen voor bomen met een hoge natuurwaarde. Dat wil zeggen een gevarieerd bomenbestand, met soorten die op hun beurt ook weer veel leven herbergen.' Keus te over, weet hij, waardoor voor elke locatie geschikte bomen bestaan.


Dat voor het binnenstedelijke klimaat de blik verschuift naar meer mediterrane soorten, kan hij zich voorstellen. Maar hij waarschuwt voor risico's. 'Wil je een goede nieuwe soort introduceren, dan moet je eerst gedegen onderzoek doen. Eerst is vermenging van inheems met Zuid-Europees materiaal nodig. Je kunt niet zomaar iets nieuws neerzetten.' Soms blijkt de overgang naar een ander klimaat te groot. Of hij ziet het anderszins fout gaan, zoals met de hemelboom. Die landde weliswaar goed in Nederland, maar viel vervolgens slecht: via wortelstokken steekt hij ongewenst overal de kop op. Reden voor een nieuwe notering op de lijst invasieve exoten. Ook de geringere bijdrage van exoten aan de biodiversiteit vindt Wevers een reden om liever inheemse varianten te kiezen.

Slechte groei, verdroging, wortelopdruk: het ligt meestal niet aan de soort'

Ruimte

Diversiteit en zorgen dat de groeiplaats in orde is, dat is dus het motto, ook voor Van den Brink. Hoe de groeiplaats eruitziet, bepaalt de mogelijkheden. 'Een boom heeft zowel bovengronds als ondergronds een bepaalde ruimte nodig. Op basis van wat daar beschikbaar is, kun je een geschikte kiezen.'


Helaas voor de bomen azen ook andere partijen op dezelfde ruimte. Ondergronds bijvoorbeeld voor kabels en leidingen, bovengronds voor bebouwing en verkeer. Zo kan een plantplaats die oorspronkelijk goed was, alsnog in de verdrukking raken. Van den Brink pleit daarom voor hardere ruimteclaims. 'Zodat je ervan op aan kunt dat een groeiplaats intact blijft.'

Asfalt gereed, gat erin en boom erin. Een uitgesproken klimaatboom zal het hier evenmin fijn vinden.
Asfalt gereed, gat erin en boom erin. Een uitgesproken klimaatboom zal het hier evenmin fijn vinden.
Mediterrane bomen die beter gedijen in het warmere stedelijke klimaat hebben evengoed goede groeiplaatsen nodig, zo onderstreept hij. Oftewel: die zijn geen oplossing voor wat feitelijk een groeiplaatsprobleem is. 'Je zult vaak moeten zoeken naar iets dat past bij de specifieke habitus. Maar er zijn ook veel inheemse bomen die het goed doen in een stedelijk klimaat. Situaties waarin het extreem warm is, zijn bovendien piekmomenten. Daar kunnen de bomen die in onze gematigde streken voorkomen over het algemeen best tegen. Hetzelfde geldt voor droge periodes. Die zijn er door de eeuwen heen ook vaker geweest. Als groeiplaatsen bij regen voldoende water kunnen bergen, komen bomen de drogere periodes goed door.'

Overigens vindt hij niet dat het per se fout is om af een toe een oorspronkelijk mediterrane plataan te planten. Toch gaat zijn voorkeur uit naar bomen uit een gematigde zone, omdat die volgens hem beter zijn afgestemd op de omstandigheden in Nederland en meer bijdragen aan de biodiversiteit. Daarvoor geldt: hoe meer variatie, hoe beter. 'Door de enorme biodiversiteit is de natuur veerkrachtig. Ook de vogels, schimmels, insecten en noem maar op die op de boom leven, horen daarbij. Hoe meer variatie, hoe groter het herstelvermogen van de natuur.'

Joost Verhagen: 'Dankzij big green data komen het lokale binnenstedelijk klimaat en het effect van bomen beter in beeld'

Optimistisch

Ondanks de groeiplaatsenkwestie is hij optimistisch over de toekomst. 'Groen was altijd een sluitpost, maar het belang voor de leefomgeving wordt nu meer gezien dan vroeger. Het zou in mijn ogen zelfs voorop moeten staan. Ik denk dat het de komende decennia die kant op gaat. Dat is economisch ook beter. Het scheelt flink in kosten of een boom tachtig jaar meegaat of dat je in die periode drie keer een nieuwe moet planten. Oudere bomen dragen bovendien meer bij aan het leefklimaat en het ecosysteem en zijn dus ook nog waardevoller.'


Verhagen blikt met zijn data zowel vooruit als terug: 'We kunnen veel leren van hoe het bomenbestand in een gebied er de afgelopen decennia uitzag. Uit de tijdreizen die we tot nu toe hebben gemaakt, zien we vaak dat de aantallen bomen in een gebied toenemen, maar dat het aantal oude bomen helaas drastisch afneemt.'

Om te kunnen reageren moet je zijn ingelogd.   LOGIN   of maak gratis een account aan.

REACTIES
Er zijn nog geen reacties.

download artikel

Tip de redactie


ONDERDELEN
Archief
Dossiers
GIP
OVER ONS
Over ons
Duurzaamheid & NWST
Contact
Het team
ADVERTEREN EN ABONNEREN
Fysiek abonnement
Digitaal abonnement
Abonneren nieuwsbrief
Adverteren
Verschijningsdata
MEER
Redactionele spelregels
Algemene voorwaarden
Disclaimer
Privacy
Cookies
ONDERDELEN
OVER ONS
ADVERTEREN EN ABONNEREN
MEER