Noordplant officieel Skal-gecertificeerd na drie jaar omschakelen |
|
|
|
|
 |
| 188 sec |
Soms moet je even omdenken: van onkruid naar inheems kruidenmengsel
Een nieuwe mijlpaal voor Noordplant Kwekerijen: sinds 4 oktober mag de laanbomenkwekerij in het hoge noorden zich Skal-gecertificeerd noemen. Daar ging een omschakelperiode van drie jaar aan vooraf. Dat vroeg om meer arbeid, andere teeltkeuzes en soms ook het accepteren van meer schade.
De stap naar biologische teelt kwam volgens Nijboer niet uit de lucht vallen. Noordplant werkte al volgens On the way to PlanetProof en gebruikte al enkele jaren geen herbiciden meer. Onkruid werd zoveel mogelijk mechanisch aangepakt. Dat gaf het bedrijf vertrouwen om verder te gaan. Tegelijkertijd zag Noordplant de vraag naar bomen die zonder chemische gewasbeschermingsmiddelen zijn geteeld toenemen, met name bij gemeenten.
Vraag vanuit gemeenten
Zo bewoog de toenemende vraag bij gemeenten Noordplant richting volledige Skal-certificering. 'De toenemende vraag vanuit onze afnemers stimuleerde ons ook,' legt Nijboer uit. 'Gemeentelijke overheden zoals Den Haag, Amsterdam, Groningen en Utrecht willen gifvrij inkopen en gifvrije bomen.' Die stap betekent niet dat de kwekerij nu achterover kan leunen. 'Het blijft natuurlijk continu innovatie. Want je moet wel zorgen dat je het certificaat behoudt.' Vooral de omgang met onkruid blijft volgens Nijboer een aandachtspunt. Binnen het bedrijf wordt daar inmiddels ook anders naar gekeken. Een voormalige collega sprak al langer niet meer van onkruid, maar van een inheems kruidenmengsel. 'Soms moet je ook gewoon even omdenken,' is Nijboer van mening. 'Je moet je gedachten en de visies uit het verleden laten varen, omdat je een nieuwe weg inslaat. Dat zal in eerste instantie nooit meteen 100 procent lukken. Maar als je de eerste stap niet zet, kom je ook nooit bij de laatste stap.'
|
|
'Je moet je gedachten en de visies uit het verleden laten varen'
| |
|
Drie jaar omschakelen
Voordat Noordplant het certificaat officieel in ontvangst mocht nemen, volgde eerst een omschakelperiode van drie jaar. Die periode is in de laanbomenteelt financieel anders dan bij eenjarige teelten zoals bij groentekwekers. 'Als wij een perceel inplanten, staan die spilletjes toch twee tot vier jaar te groeien voordat je gaat rooien en verkopen. Dan is zo'n overbruggingsperiode van drie jaar financieel gezien niet heel bezwaarlijk. Of je het nou wel of niet biologisch doet, er zitten toch nog geen inkomsten in.' Dat betekent niet dat biologisch telen geen extra kosten met zich meebrengt. Zonder herbiciden kost onkruidbeheersing meer arbeid en zijn duurdere machines nodig. Ook het wegvallen van kunstmest merkt de kwekerij in de groei. Vooral de gebruikelijke snelle bemesting in het voorjaar ontbreekt. Daardoor krijgen bomen volgens Nijboer minder snel hun kickstart na de winter.
|
|
Soorten die gevoelig zijn voor bepaalde ziekten verdwijnen uit het teeltplan
| |
|
Plagen vragen een andere aanpak
Ook de aanpak van ziekten en plagen vraagt om een andere manier van werken. Waar een plaag met een regulier middel soms met één behandeling onder controle kon worden gebracht, zijn met toegestane biologische middelen soms veel meer behandelingen nodig. Daardoor kan de schade aan de bomen hoger oplopen voordat een plaag onder controle is. 'Die dingen overkomen je dan. En daar moet je dan op reageren om een oplossing te zoeken. Je moet anders gaan denken.' De omschakeling heeft ook invloed op het assortiment. Soorten die gevoelig zijn voor bepaalde ziekten en zonder reguliere gewasbeschermingsmiddelen nauwelijks gezond te houden zijn, verdwijnen uit het teeltplan. Nijboer verwacht niet dat dit uiteindelijk tot grote problemen bij afnemers leidt. Als gemeenten daadwerkelijk bomen willen die zonder chemische middelen zijn geteeld, zullen zij volgens hem ook hun soortenkeuze daarop moeten aanpassen.
Gifvrij en zonder onkruid
Daar zit volgens Nijboer nog wel een tegenstrijdigheid. Gemeenten kunnen in een aanbesteding vragen om bomen die zonder chemische gewasbeschermingsmiddelen zijn geteeld, terwijl enkele pagina's verder in diezelfde aanbesteding staat dat de kluit vrij moet zijn van onkruid. 'Dat past niet helemaal samen natuurlijk. Die standaard moet nog wat anders worden.' Niet alleen kwekers, maar ook opdrachtgevers zullen hun verwachtingen moeten aanpassen. De biologische productie van laanbomen is bovendien nog klein. Nijboer schat dat Nederland ongeveer 5.000 tot 5.500 hectare laanboomteelt telt en dat daarvan, inclusief Noordplant, ongeveer 70 hectare biologisch is. Met percelen die nog in omschakeling zijn, zou dat rond de 100 hectare liggen.
Hogere kostprijs
Het prijskaartje van biologische teelt komt daar ook bij kijken. Nijboer noemt biologische champost als voorbeeld. Waar reguliere champost ongeveer vijf euro per ton kostte, betaalt Noordplant voor biologische champost 25 euro per ton. Om die reden kijkt Nijboer nadrukkelijk naar de afnemers. Volgens hem hebben gemeenten die biologische bomen inkopen ook de verantwoordelijkheid om te controleren of ze daadwerkelijk biologisch geteelde bomen ontvangen. Noordplant wil daarom iedere biologisch geteelde boom bij levering voorzien van een herkenbaar biolabel. Ook op de verzendlijst wordt vermeld welke bomen biologisch zijn gekweekt. 'Onze ervaring met het keurmerk On the way to PlanetProof is wat dat betreft niet erg geruststellend,' deelt Nijboer. 'Bij aanbestedingen wordt dat keurmerk inmiddels veelvuldig geëist, maar ik merk tot nu toe niet dat er vervolgens ooit door enige keurmeester van een gemeente gecontroleerd wordt of geleverde bomen voldoen aan de beloofde certificering. Dan is het een wassen neus, een papieren tijger.' Met het oog op de toekomst hoopt Nijboer dat de controle hierop strenger wordt, zodat meer kwekers zullen besluiten hun areaal aan biologisch gekweekte bomen uit te breiden.
|
|
'Eerst zorgen dat alles goed is, achteraf kunnen we kijken of we feest vieren'
| |
|
Geen champagne in Groningen
Op de vraag of Noordplant een heuglijk moment heeft ingepland voor de behaalde Skal-certificering, heeft Nijboer een duidelijk antwoord: 'Daar doen wij niet aan hier in het noorden. Eerst zorgen we ervoor dat het goed gaat, dan kunnen we achteraf wel eens zien hoe het bevallen is en of we feest vieren.' Wel gaat de kwekerij het Skal-certificaat de komende tijd nadrukkelijker onder de aandacht brengen bij klanten, op beurzen en tijdens bedrijfsbezoeken.
| LOGIN
met je e-mailadres om te reageren.
|
|
|
| Er zijn nog geen reacties. |
|