Whatsapp Facebook LinkedIn RSS feed

Dode bomen beoordelen, een kwestie van gezond bomenverstand?

ARTIKEL
Facebook Linkedin Whatsapp
Sarah Westenburg, dinsdag 20 januari 2026
194 sec


'We moeten stoppen met stofzuigerbeheer'

Dood hout en aftakelende en dode bomen zijn ecologische pareltjes. Ze bieden voedsel, nestgelegenheid en schuilplekken voor talloze soorten. Maar in stedelijke parken waar dagelijks veel mensen komen, schuurt dit ecologische belang al snel met de zorgplicht van de gemeente, met name bij staand dood hout. Hoe bepaal je hoelang een dode boom kan blijven staan? En wat vraagt het van boombeheerders en boomverzorgers om tot een goede afweging te komen?

Toolboxmeeting rondom een dode esdoorn in Arnhems stadspark
Toolboxmeeting rondom een dode esdoorn in Arnhems stadspark

In gesprekken met Eddie Bouwmeester, allround boomtechnisch adviseur en directeur van Bouwmeester Boomverzorging, en Jos Haverkamp, stadsdeelmanager en teamleider bossen en parken bij de gemeente Arnhem, wordt duidelijk hoe complex die afweging in de praktijk is.

De casus: een dode esdoorn op een A-locatie

In een drukbezocht centrumpark in Arnhem staat een Noorse esdoorn, die inmiddels twee jaar dood is. Het gaat om een A-locatie, waarvan de beeldkwaliteit volgens het bestek spic en span moet zijn. Tegelijkertijd wil Arnhem de natuur zoveel mogelijk ruimte geven. 'We zetten de natuur op één,' aldus Haverkamp. 'We willen maximaal boombehoud en maximale ecologische waarde.'


Eddie Bouwmeester: 'We moeten stoppen met stofzuigerbeheer'
Jos Haverkamp: 'We moeten boomspecialisten op een voetstuk zetten'
Maar de realiteit schuurt hiermee: als Arnhem bestaande beoordelingsmethoden zou toepassen, zou deze boom meteen worden afgekeurd en verwijderd. De vraag is alleen: past dat nog bij wat we als samenleving willen? Volgens Haverkamp is veiligheid een randvoorwaarde, geen doel op zich. De vraag is dus niet óf er een risico is, maar hoe groot dat werkelijk is, en of strikt handelen volgens richtlijn en handboeken wel altijd de beste keuze is. 'We zijn doorgeslagen in onze focus op veiligheid,' vindt Haverkamp. 'Hoe groot is de kans eigenlijk dat er echt iets gebeurt?'

Het beoordelen van dode bomen vraagt om gezond bomenverstand

Dood hout beoordelen: gezond bomenverstand of komt er meer bij kijken?

Samen met de gemeente bezocht Bouwmeester de boom om de situatie te beoordelen. Daarbij kwamen allerlei vragen aan bod. Hoe druk is het hier? Wat staat er in de nabijheid van de boom? Wat is er te zien aan schimmelaantastingen? Welke takken zijn potentieel risicovol? Het zijn vragen die beantwoord moeten worden om tot een realistische risico-inschatting te komen.


Voor levende bomen zijn er veel methoden voorhanden om onder andere de stabiliteit en holtevorming te beoordelen. Voor dode bomen zijn deze methoden minder geschikt. 'Je kunt een resistograaf of een Picus gebruiken, maar als je je oordeel puur op die metingen baseert, kom je bijna automatisch op afkeuren uit,' aldus Bouwmeester. Ook een trekproef is niet ontworpen voor dode bomen en daardoor minder geschikt. Haverkamp bevestigt dit: 'Alle huidige apparatuur gaat uit van levende bomen met een intacte boomkroon.'
Kortom: dode bomen moeten op een andere manier beoordeeld worden. Volgens beide heren komt het daarbij eigenlijk vooral aan op het deskundige oordeel van boomspecialisten. Of zoals zij het noemen: gezond bomenverstand.


Bomengasten

Samen leren: een toolboxmeeting

Omdat dit soort bomen niet in standaard protocollen passen, organiseerde Bouwmeester samen met de gemeente een toolboxmeeting op locatie. Geen theoretische sessie in een zaaltje, maar ter plaatse leren: samen kijken, overleggen, meningen delen en varianten bespreken en testen.


In de praktijk betekende dat onder meer dat een vanglijn in de boom werd bevestigd en dat medewerkers - twee personen tegelijk - aan verschillende takken gingen hangen. Sommige takken bleven zitten, andere braken direct af. Het was geen wetenschappelijk verfijnde methode, maar gaf het team wél een goed beeld van de resterende draagkracht en het breukgedrag van de boom. Het leverde waardevolle inzichten op voor deze casus en vergelijkbare situaties.

Toolboxmeeting

De toolboxmeeting maakte bovendien duidelijk hoe belangrijk een gedegen expert judgement is. Elke situatie is anders en vraagt om een beoordeling waarin verschillende aspecten worden meegenomen, zoals:
● de houtsoort en groeisnelheid,
● zichtbare kenmerken, zoals vruchtlichamen, verlies van de korst, lengtescheuren,
● het gedrag van takken bij fysieke belasting,
● de standplaats, windbelasting en vermoedelijke conditie van het wortelpakket,
● het risicoprofiel van de omgeving.


Enige tijd na de toolboxmeeting bezocht Haverkamp de boom opnieuw. Enthousiast vertelt hij dat er
op de recente zaagvlakken alweer nieuwe vruchtlichamen waren doorgebroken. Haverkamp: 'Bomen met aantastingen worden al snel geclassificeerd als risicobomen, maar vanuit ecologisch perspectief zijn het pareltjes. Ik zie schimmels als bomengasten die we moeten koesteren.'


Blijvend dilemma: biodiversiteit of zorgplicht

Uit beide gesprekken blijkt dat er nog veel te leren is:
● Wanneer is het nog verantwoord om een een dode (staande) boom te laten staan en wanneer niet mee?
● Hoe verhoudt het streven naar een gezonde fysieke leefomgeving met ruimte voor natuurlijke processen zich tot onze plicht om die leefomgeving veilig te houden?
● Hoe vinden we binnen de wettelijke kaders van de Omgevingswet een passende balans tussen verschillende maatschappelijke doelen?
● Wanneer heeft een gemeente zorgvuldig genoeg gehandeld?


Dat laatste is niet alleen een boomtechnisch, maar vooral een juridisch, bestuurlijk én maatschappelijk vraagstuk. Want hoeveel risico zijn we als samenleving bereid te accepteren? En als dat de biodiversiteit ten goede komt, zijn we dan bereid iets meer risico te lopen of ons eigen gedrag aan te passen?

Niet de boom aanpassen, maar de omgeving

Zowel Bouwmeester als Haverkamp benadrukt dat je risico's ook kunt verkleinen door de omgeving aan te passen in plaats van de boom. Dat kan bijvoorbeeld door:
● bankjes te verplaatsen,
● het maaibeheer aan te passen,
● paden te verleggen,
● waarschuwingsbordjes te plaatsen,
● bewust een afgebroken tak te laten liggen als signaal voor bezoekers,
● groenbeheerders actief te betrekken bij het signaleren van risico's.


Door slim met de ruimte om te gaan, kun je dode bomen langer veilig laten staan. Bouwmeester verwoordt het als volgt: 'We moeten meer natuurvolgend gaan beheren en stoppen met het traditionele stofzuigerbeheer. Dood organisch materiaal zorgt voor prachtige kringloopprocessen. Als we op een verantwoorde manier iets meer aan de natuur durven overlaten, staat daar veel ecologische winst tegenover.'

Kennis delen als sleutel

Zoals Bouwmeester aangeeft, is het beoordelen en beheren van dode bomen in drukbezochte stedelijke situaties nog relatief nieuw in ons vakgebied. Gemeenten en boomverzorgers lopen vaak tegen dezelfde vragen en dilemma's aan. Daar ligt volgens hem een grote kans: meer casussen bespreken en kennis en ervaringen uitwisselen tussen gemeenten, adviseurs en uitvoerders.


LEES OOK
Winter: de beste tijd voor boomonderhoud?
03-02-2025 | INGEZONDEN ...
109 sec

Bouwmeester Boomverzorgin...
Gemeente Arnhem
LOGIN   met je e-mailadres om te reageren.

REACTIES
Er zijn nog geen reacties.

download artikel
bestel tijdschrift
tip de redactie

Meld je aan voor onze digitale nieuwsbrief.

ONDERDELEN
Archief
Dossiers
Green Industry Profile
Webshop
OVER ONS
Over ons
Duurzaamheid & NWST
Contact
Het team
ADVERTEREN EN ABONNEREN
Fysiek abonnement
Digitaal abonnement
Abonneren nieuwsbrief
Adverteren
Verschijningsdata
MEER
Redactionele spelregels
Algemene voorwaarden
Disclaimer
Privacy
Cookies
ONDERDELEN
OVER ONS
ADVERTEREN EN ABONNEREN
MEER